Om het steunen aan te leren moet de vaarder eerst de begrippen
"stampen" en "rollen" kennen.
Het stampen
Bij het stampen gaat de boeg voortdurend op en neer terwijl het hek het
tegenovergestelde doet.
Het stampen komt veel voor in golfpassages of op woelig water.
Slalomvaarders hebben een techniek ontwikkeld waardoor ze dit kunstmatig kunnen
doen om onder poortjes te snijden met boeg en hek.
Het rollen
Bij het rollen maakt de boot voortdurend en afwisselend links en rechts
slagzij.
Het rollen komt eveneens voor in golfpassages en woelig water.
Het steunen op het water
Om de boot te stabiliseren tijdens het rollen of stampen, kan het nodig zijn
met het paddelblad op het water te steunen
De vaarder moet leren aanvoelen, dat hij werkelijk kan steunen op het water.
Al stilliggend kan men door links en rechts op het paddelblad te steunen verder
en verder naar buiten hellen.
Het terug rechtkomen, gebeurd met een heupknik waardoor de boot als het ware
weer onder het bovenlichaam getrokken wordt.
De vaarder kan eveneens met zijn paddel op de oever of de steiger steunen om de
heupknik aan te leren.
Later zullen we zien dat er extreem ver naar buiten kan gesteund worden door de
paddel naar buiten door te schuiven.
Nota: op wildwater kan het gebeuren dat een dwarse golf samenkomt
met een rechte golf waardoor de boot op hetzelfde ogenblik gaat stampen en
rollen.
Het punt waar de twee golven elkaar ontmoeten noemen we een enveloppe.
De baan van het paddelblad ten opzichte van de boot.
De grote platte acht.