Het omkantelen (kenteren) en de manipulatie van het materiaal
Het Omkantelen
Bij aanvang blijken de meeste nieuwkomers angst te hebben om te kantelen en te
verdrinken.
Zij hebben allen al wel eens een kajak op TV gezien en zij menen dat
kajakkers vastgeklemd zitten in hun boot. Vandaar ook hun angst om te kenteren
en niet meer uit hun boot te kunnen.
Niets is minder waar want het vergt een speciale techniek om in een gekenterde
boot te blijven zitten om bijvoorbeeld te kunnen eskimoteren.
Het lichaamsgewicht van de vaarder zorgt ervoor dat hij als het ware uit de
kuip glijdt. Bij een boot met een kleinere kuip is soms een helpende hand van de
vaarder nodig om het spatdek los te trekken.
Dit lostrekken gebeurt door aan de panieklussen te trekken.
Belangrijk is het vermijden van paniek!
Paniek kan je slechts vermijden als de vaarder weet wat hij in zo'n situatie
moet doen.
Handelswijze na het kantelen
 | Wachten tot de boot helemaal omgedraaid op het water ligt en dan snel de
boot verlaten, meestal gebeurt dit spontaan, zoniet moet men het spatdek
lostrekken aan de lussen die daartoe aan het spatdek zijn vastgenaaid. |
 | Slaagt de medevaarder er niet in om hoe dan ook (door paniek) het spatdek
los te maken en zit men zelf ook in de kajak, dan dient men de boot van de
gekenterde bij de boeg of het hek te nemen en de vaarder eruit te schudden. |
 | Is de vaarder zelf uit de boot gekomen dan moet hij rustig zijn boot terug
recht draaien en naar het hek of de boeg van zijn boot zwemmen en zich
daaraan vast te klampen. Vervolgens zwemt hij ermee naar de kant. |
 | De gekenterde mag nooit aan de kuip van z'n boot gaan hangen omdat hij deze
dan laat vollopen. Op stromende rivieren mag de gekenterde nooit aan de
zijkant van de boot van een medevaarder gaan hangen omdat deze dan eveneens
zal kantelen. |
Het bergen van de boot
 | Zijn we in de nabijheid van de oever dan zullen we de boot naar de oever
brengen om hem leeg te maken.
Meestal ligt de boot omgekeerd (kuip naar onder) op het water en dient hij terug
omgekeerd te worden zodat hij niet volloopt tijdens het vervoer naar de kant. Hoe
we dit doen hangt af van de kracht en het zwemvermogen van de vaarder. |
 | Kan de vaarder goed zwemmen en is hij tamelijk krachtig, dan laten we hem
zelf de boot bergen. Hij dient de boot aan de boeg of het hek zo hoog uit
het water te tillen totdat de kuip geen water meer kan scheppen. Op dat
ogenblik draait hij snel de boot met de kuip naar boven. Het heffen en
draaien dient in een snelle, vloeiende beweging te gebeuren. |
 | Is men te ver van de oever (bv. op een meer) dan zullen we de boot ter
plaatse moeten leegmaken en de vaarder terug in de boot helpen. Dit
bespreken we in een volgend hoofdstuk. |
TOP
Het legen van de boot
Het legen van de boot op de oever

De boot wordt evenwijdig met de steiger of de oever gelegd.
Terwijl de boot nog in het water ligt, verwijdert men er eerst het meeste water
uit, door hem zachtjes aan de boeg of het hek te heffen en gelijktijdig de boot
rond de lengteas te draaien. Op die manier stroomt het meeste water uit de
kuipopening.
Is het meeste water eruit dan kan men hem, nog steeds evenwijdig met de oever,
uit het water trekken. Is men alleen dan dient men aan de kuip te trekken. Is
men met twee, dan trekt de ene aan de boeg en de andere gelijktijdig aan het
hek. Nog gemakkelijker gaat het met z'n drieën, namelijk 1 man aan de boeg, 1
man aan het hek en de derde aan de kuip.
Door het gelijktijdig op de kant trekken blijft het water in de boot verdeeld en
kan hij niet breken.
Is de boot eenmaal op de kant dan draait men hem met de kuip naar onder zodat
het meeste water er kan uitstromen. Daarna kan men het laatste water eruit
"melken" door beurtelings boeg en hek te heffen.
Trek nooit een boot vol water op de kant want je riskeert voor 99% dat deze zal
breken.
Het legen van de boot op het land
Het leeg "melken" van de boot waarbij afwisselend boeg en hek
omhoog worden getild.
Dit gebeurt het best wanneer er niet te veel water in de boot zit. Meestal vlak
voor het
opbergen van de kajak.

Het legen van de boot op het water
Gebeurt de kentering ver van de oever dan dient men de boot op het water leeg
te maken. Uit ervaring weten wij echter dat het "zwaar labeur" is.
Hoe gaan we te werk?
De gekenterde gaat aan het hek van een medevaarder hangen.
De medevaarders nemen de gekenterde boot aan de boeg en een sterke vaarder neemt
hem aan het hek.
De andere vaarders splitsen zich in twee groepen en leggen zich naast de beide
helpers. De helpers zorgen nu voor een stabilisatie van het vlot door het
vastnemen van de kuip van diegene die naast hem ligt.
De vaarder die de gekenterde boot vast heeft neemt deze goed beet en tracht deze
op zijn kuip te trekken. Daarna zal de tweede helper hetzelfde doen waardoor het
meeste water uit de boot zal lopen.
Pas daarna kan het melken vanuit de zittende positie een aanvang nemen. Als alle
water uit de boot is wordt deze terug in het water gelegd.
De gekenterde vaarder zwemt er heen en kruipt via het achterdek naar de kuip en
schuift hier voorzichtig terug in de boot.
Een medevaarder blijft de boot stabiliseren tot de gekenterde er terug inzit.
Op het vlot dienen de paddels zo gelegd dat ze niet hinderen bij het manipuleren
van de gekantelde boot.
 |
Nummer 1 stabiliseert de boot van 2, deze
stabiliseert de boot van 3 en deze neemt de gekantelde boot aan de boeg.
Vaarder nummer 6 stabiliseert de boot van 5, deze stabiliseert de boot van 4 en
deze neemt de gekantelde boot aan het hek.
Ligt de gekantelde boot terug met de kuip naar boven op het water zoals op de
afbeelding dan dient hij; nadat hij eerst op de kuipen getrokken is, met de kuip
naar onder gedraaid te worden om het water de kans te geven eruit te lopen.
Top
Terug
|